Klik nogmaals op de knop om de filters te resetten Sluiten

De vergulde sierschijf uit Helden

In het midden van de 19de eeuw werd bij het turfsteken in de Peel, op een perceel dat bekend stond als de Kesselsche velden bij Helden, door een veenarbeider een bijzonder voorwerp opgespit. Het was een zilveren schijf waarop een afbeelding van een man met vechtende dieren te zien was. In het eind van de 19de eeuw bevond deze schijf zich in de grote en belangrijke collectie van notaris Guillon uit Roermond. Na een jaren durende briefwisseling, met maar n onderwerp: loven en bieden, werd het voorwerp in 1890 door het Rijksmuseum van Oudheden aangekocht tegen het toen exorbitant hoge bedrag van f 1550,-. Inmiddels was het stuk bekend geworden onder de naam ‘Sierschijf van Helden’.

De buitengewone schijf is gedreven uit zilver en na bewerking verguld met goud. In het middendeel is een knielende man zichtbaar die in een woest gevecht is verwikkeld met een leeuw. Boven de man bevinden zich in het midden een ram met aan weerszijden twee leeuwen met opengesperde muilen. Aan de onderzijde kijken twee honden elkaar aan met tussen hen de kop van een rund. Alle dieren zijn van het mannelijke geslacht, zodat het waarschijnlijk is dat het rund een stier verbeeldt. De voorstelling wordt omlijst door een serie touw- en golfbanden. In de rand zijn vier kleine gaatjes zichtbaar, met in twee daarvan nog een kleine klinknagel.

Op grond van stilistische kenmerken en overeenkomsten wordt het stuk in de 1ste eeuw voor onze jaartelling gedateerd en zal afkomstig zijn uit Thraci, een gebied dat samenvalt met het huidige Bulgarije en Roemeni. De gaten en de klinknagels vormen een aanwijzing voor de functie van de vondst uit Helden. Dergelijke schijven werden gebruikt als versiering van schilden en paardentuig, maar ook als onderscheidingsteken dat op het borstkuras van een militair werd gedragen.

De grote vraag is hoe een dergelijk waardevol en exotisch stuk – ook voor prehistorische begrippen – in hetveenbij Helden terecht is gekomen. Er zijn verschillende antwoorden mogelijk. Keltische stammen vielen in de 1ste eeuw v.Chr. Thraci binnen en kunnen de sierschijf als roofbuit mee hebben gebracht. Een tweede antwoord op de vraag is dat het om handelscontacten gaat. Er bestonden tussen de Kelten en Thracirs intensieve handelsrelaties. Mogelijk via onderlinge contacten belandde het stuk in het veen bij Helden. Tenslotte is er nog de verklaring dat het stuk is meegebracht door een lid van de Thracische hulptroepen die onderdeel uitmaakten van de Romeinse legioenen die ons land in 12 v.Chr. binnenvielen. In dat geval zou het, zelfs voor de Romeinen, al om een antiek voorwerp gaan.

Indien de sierschijf in een Keltische context geplaatst moet worden dan hebben we mogelijk met een offer te doen. Dergelijke offers in venen, meren en rivieren waren heel gebruikelijk. Diverse ‘schatten’ zijn uit deze tijd bekend, bestaande uit munten, bijzondere luxe- en gebruiksvoorwerpen, en wapens. Het meest bizar zijn in dit verband de talloze mensenoffers die we onder andere uit de Drentse venen kennen.

Nederland in de Romeinse tijd | Relevante voorwerpen

Bezoek ons: