Klik nogmaals op de knop om de filters te resetten Sluiten

Romeinse goden in Nederland

De goden van de Romeinen werden ook in Nederland vereerd. Sommige goden genoten hier wel duidelijk de voorkeur boven andere. Verreweg de meeste teruggevonden beeldjes stellen de god Mercurius voor, herkenbaar aan de vleugels op zijn hoed of in zijn haar en aan zijn attributen, meestal een geldbeurs, soms ook de kenmerkende staf met ineengedraaide slangen, de caduceus. Waarschijnlijk vereerde men hier te lande een godheid die voor de Romeinen overeenkwam met Mercurius, zodat de bronsgieter of steenhouwer, als hij de opdracht kreeg die god uit te beelden, een Mercurius maakte. De Romeinse godheid werd gelijkgesteld aan een inheemse. Soms blijkt dat ook uit schriftelijke bronnen. In Limburg is een altaar gevonden, gewijd aan Mercurius Arvernus. Ook zijn wijdingen bekend aan Mars Halamarthus en Hercules Magusanus.

De Romeinen erkenden deze gelijkstellingen of interpretaties en hadden er zelfs een term voor: interpretatio romana. Ze waren over het algemeen zeer tolerant tegenover de godsdiensten die ze in de verschillende delen van hun enorme rijk tegenkwamen. Vaak namen ze zelfs vreemde cultussen over en werden uitheemse goden in Rome zelf vereerd, zoals Mithras en Kybele, godheden uit het oostelijk deel van het Middellandse Zeegebied.

Het is overigens de vraag of het hier getoonde beeldje van Minerva een religieuze functie vervulde. Het kwam tevoorschijn bij het afgraven van een terp in Wijnaldum aan het begin van de 20ste eeuw. Friesland maakte geen deel uit van het Romeinse rijk, maar er bestonden intensieve handelscontacten met het zuidelijk deel van Nederland dat wel deel uitmaakte van het rijk. Het is goed mogelijk dat het beeldje als betaalmiddel of als geschenk van de Romeinse overheid aan een bevriend hoofdman van een Friese stam in de terp is beland. Veel bronzen beeldjes van Romeinse goden hebben op die manier hun weg naar het noordelijk deel van ons land gevonden, tot op heden meer dan vijftig. De terpafgravingen in Groningen en Friesland, die begonnen in de vorige eeuw om de vruchtbare terpgrond te gelde te maken, hebben heel wat beeldjes aan het licht gebracht.

Dit beeldje van Minerva behoort tot de allerfraaiste van Nederlandse bodem. De godin is in Grieks tenue gestoken. Zij draagt een chiton, een lang mouwloos gewaad, met daarover een himation, een mantel, die over de linkerschouder en rond het lichaam hangt. Het uiteinde is over de linkerarm gedrapeerd. Op de borst is de aegis vastgemaakt, het legendarische geitenvel met in het midden de kop van het monster Gorgo. Op het hoofd heeft Minerva een Korinthische helm, met daarop een gevleugelde sfinxen een helmbos. Helm en aegis kenmerken de godin als Minerva, godin der wijsheid, maar ook van de oorlog. De attributen die zij in haar handen droeg zijn verloren gegaan.

Het Griekse tenue en het klassieke gelaat doen vermoeden dat de kunstenaar zijn inspiratie ontleende aan een Grieks prototype uit de 4de eeuw v.Chr. Helaas zegt dit niets over de datering van het hier getoonde beeldje. Enig houvast voor de datering bieden misschien de aardewerkscherven die samen met het beeldje zijn gevonden. Deze worden in de 2de en 3de eeuw na Chr. gedateerd.

Terwijl in de Grieks-Romeinse kunst de godinnen, op Venus na, altijd gekleed zijn, worden de goden vaak naakt weergegeven. Evenals de godinnen zijn de goden te herkennen aan hun karakteristieke attributen. We kunnen dan ook aan de hand van de helm op het hoofd vaststellen dat het naakte beeldje Mars, de god van de oorlog, voorstelt. De attributen die hij in zijn handen hield zijn weliswaar verloren gegaan, maar aan de stand van het lichaam en de handen kunnen we zien dat hij in zijn rechterhand een lans en in zijn linker een schild hield.

De helm van Mars is, evenals die van Minerva, van Korinthisch model. Een andere overeenkomst is de houding van beide beeldjes die het beste te zien is bij de naakte Mars. De godheid staat op het rechterbeen, het linker is gebogen en ontspannen. Door deze houding is de rechterheup hoger en naar buiten gedraaid. Het is de klassieke pose van contrapost met Standbein en Spielbein.

Dit beeldje is in de 19de eeuw aangekocht. Het zou opgebaggerd zijn uit de Waal bij Nijmegen. In Friese terpen zijn zes soortgelijke beeldjes van de god Mars gevonden, alle ongeveer in dezelfde houding, naakt en met Korinthische helm.

Nederland in de Romeinse tijd | Relevante voorwerpen

Bezoek ons: