Klik nogmaals op de knop om de filters te resetten Sluiten

Verzilverd bronzen phalera

De snelheid, de fysieke aanwezigheid en het psychische effect van de paarden maken cavalerie-eenheden in de strijd bij uitstek geschikt voor overrompeling van de vijand. Met dat doel werden ook in het Romeinse leger cavalerie-eenheden, alae, ingezet. Het Romeinse cavaleriepaard was klein. Uit teruggevonden botmateriaal blijkt dat het een schofthoogte van ongeveer 1,40 meter had.

Over de uitrusting van het Romeinse cavaleriepaard is vrij veel bekend. In het Rijnland zijn grafstenen teruggevonden, opgericht voor ruiters in de 1ste eeuw na Chr., zoals uit de opschriften blijkt. Deze grafstenen zijn versierd met afbeeldingen van opgetuigde cavaleriepaarden. De tuigage is daarop heel duidelijk weergegeven; allerlei details zijn zichtbaar. Het zadel zit met buik-, borst- en staartriemen op het paard vast. Het is bekleed met een lang afhangend dek. De riemen zijn versierd met schijven. Uit antieke bronnen is bekend dat dergelijke sierschijven phalerae werden genoemd. Dergelijke phalerae uit de Romeinse tijd worden regelmatig teruggevonden.

De meest spectaculaire vondst van phalerae werd gedaan in 1895. Toen kwam bij baggerwerkzaamheden in de Rijn bij Doorwerth een grote partij Romeins bronswerk, waaronder 85 phalerae, boven water. Het hier afgebeelde exemplaar behoort tot de vondst. Het is een massief bronzen schijf, gegoten in een vorm en afgewerkt op de draaibank. De voorzijde is verzilverd en versierd met gegraveerde plantenmotiefjes. De motiefjes zijn opgevuld met nillo, een glasachtige pasta, die helaas op veel plaatsen verdwenen is. Op de achterzijde van de schijf zitten ogen waarmee het aanhangsel en de drie strips aan het stuk zijn verbonden. Aanhangsel en strips zijn op dezelfde manier gemaakt als de schijf.

De schijf had niet alleen een sierwaarde, zij fungeerde ook als riemverdeler. Om de verbinding tussen verschillende zadelriemen te leggen werd het uiteinde van zon riem vastgezet tussen een strip. Het afgebeelde exemplaar bracht drie riemen samen, waarvan n werd bevestigd met behulp van een haak- en oogconstructie, blijkens de T-vormige haak aan n van de strips. Aan de hand van vergelijkbare stukken van gedateerde vindplaatsen is deze phalera te dateren in de tweede helft van de 1ste eeuw na Chr.

Nederland in de Romeinse tijd | Relevante voorwerpen

Bezoek ons: