Klik nogmaals op de knop om de filters te resetten Sluiten

De Griekse tempel

Vorm en opbouw

Griekse tempels hadden verschillende vormen en groottes. De vorm van een tempel kon rechthoekig of rond zijn. In het centrale, ommuurde gedeelte van de tempel, de naos genaamd, stond een cultusbeeld opgesteld van de godheid aan wie de tempel gewijd was. Sommige tempels hadden een voorhal, een pronaos, die toegang gaf tot het heiligdom. Achter de naos lag soms nog een ruimte, de zogenaamde opisthodomos. Tempels werden (deels) omringd door zuilen. Hieronder zie je de verschillende vormen die een Griekse tempel aan kon nemen.

Het ging de Grieken bij de bouw van hun tempels niet om indrukwekkende afmetingen, maar wel om de juiste verhoudingen. Vaste maatverhoudingen beheersen de opbouw van de Griekse tempel. Hierdoor stralen de gebouwen harmonie en evenwicht uit. Een Griekse tempel rust op een zogenaamd stereobaat. Op deze basis staan zuilen, die het bovenste gedeelte van de tempel, het hoofdgestel, dragen.

Het hoofdgestel kan onderverdeeld worden in een architraaf, een fries, geison, tympanonen een sima. Vaak wordt het hoofdgestel bekroond door akroteria.De zuilen zijn van beneden naar boven opgebouwd uit een basement, een schacht en een kapiteel. De schacht kan uit n stuk bestaan (monoliet) of uit verschillende trommels. De verticale gleuven die over de zuilen lopen, worden cannelures genoemd. Het tempelfries kan versierd zijn met n doorlopend relif of bestaan uit metopen afgewisseld met trigliefen.

Bouworden

In de Griekse bouwkunst onderscheiden we drie stijlen of orden:

1. De Dorische orde
2. De Ionische orde
3. De Korinthische orde

Bouwmateriaal

De Grieken hebben voor al hun gebouwen, dus ook voor hun tempels, oorspronkelijk hout als bouwmateriaal gebruikt. De belangrijkste onderdelen van een gebouw werden bekleed met platen van terracotta (gebakken klei). Geleidelijk aan is men meer duurzame, maar ook moeilijker te bewerken natuursteen (kalksteen en marmer) gaan toepassen. In de vormgeving van de Griekse tempels zien we nog duidelijk invloeden van de oorspronkelijke houtbouw terug. Dit geldt met name voor tempels van de Dorische orde. Op de afbeelding hieronder is bijvoorbeeld goed te zien hoe de balkkoppen in het houten hoofdgestel, terugkomen als trigliefen in de steenconstructie.

De Griekse bouwmeesters streefden voor de materialen een zo glad mogelijk oppervlak na. Als er kalksteen werd toegepast, werd dit voorzien van een pleisterlaag. Marmer kon echter zo glad worden afgewerkt, dat er geen pleisterlaag nodig was.

Kleurgebruik

Tempels werden, evenals andere openbare gebouwen, voorzien van beschilderingen in felle kleuren als rood, blauw en geel (goud). Deze kleuren zijn door de eeuwen heen bijna allemaal verdwenen. De onderstaande afbeelding geeft een indruk hoe Griekse tempels er oorspronkelijk ongeveer uitgezien moeten hebben.

Voortleven van de klassieke bouwkunst

De Griekse tempelbouw, die door de Romeinen werd overgenomen, is van grote invloed geweest op de architectuur uit latere tijden. Zo werd de klassieke vormentaal als inspiratiebron gebruikt tijdens de Renaissance, de Barok en het Rococo. Met name tussen 1770 en 1840 werd er sterk teruggegrepen op het klassieke bouwen. Deze periode wordt ook wel het Classicisme of het Neoclassicisme genoemd. Ten tijde van het Neoclassicisme verzette men zich tegen de tierelantijnen van de Barok en het Rococo. Tegenover de uitbundige decoratie van deze stijlen eiste men een strenge terugkeer naar de heldere en zuivere vormen uit de klassieke oudheid.

Grieken | Relevante voorwerpen

Bezoek ons: